Achtergrond inleiding

Op KPZ loop je al vanaf het begin van je studie stage. Je maakt meteen kennis met de praktijk. 

Vierjarige deeltijdopleiding 

Stage in het eerste en tweede jaar
In samenwerking met onze stagescholen word je voorbereid op het prachtige beroep van leraar basisonderwijs. De leerkracht van de stageklas is je mentor en begeleidt je in de praktijk. Je ontwikkelt je tot een volwaardig teamlid. Vanuit de opleiding krijg je tijdens de stageperiodes bezoek van een docent van KPZ, dit is je rayondocent. De rayondocent begeleidt je tijdens de stage en hij beoordeelt ook jouw functioneren in de stage. De stagedag mag je, in overleg met de stageschool, zelf bepalen. 

Bureau Praktijkleren zorgt  voor de stageplaatsingen waarbij rekening wordt gehouden met woonplaats, waar mogelijk met denominatie en verdere bijzonderheden die bekend zijn. We hebben een vaste groep stagescholen die met KPZ samenwerkt. 

Er zijn verschillende soorten scholen waarop je als student je stage kunt doen, te weten: 

  • Reguliere stagescholen 
  • WOS (werkplekopleidingsscholen) 
  • OS (opleidingsscholen) 
  • AOS (academische opleidingsscholen) 

Onder het kopje ‘Samenwerkingsverbanden’ worden de verschillende soorten scholen verder toegelicht. 

In het eerste jaar van de vierjarige deeltijdopleiding (semester 1 en 2) oriënteer je je tijdens je stage op het beroep van leraar in twee verschillende groepen, waarbij de keuze van de groep vrij is voor jou en de stageschool. Aan het eind van het eerste jaar ben je in staat om een boeiende en didactisch verantwoorde les te ontwerpen, uit te voeren en te evalueren. Je loopt per semester minimaal vijftien dagen stage.  

In het tweede jaar van de vierjarige deeltijdopleiding (semester 3 en 4) loop je in semester 3 stage in de midden- of bovenbouw (groep 5 t/m 8). Je leert een les te ontwerpen waarbij de instructie aansluit bij de (onderwijs)behoefte van de groep. Je loopt dit semester minimaal vijftien dagen stage.

In semester 4 loop je stage in de onderbouw (groep 1-2). In deze stage ga je thematisch lesgeven aan een groep kinderen waarbij je in staat moet zijn uiteindelijk hele dagdelen zelfstandig aan het werk te zijn. Je leert ontwikkelingsgerichte onderwijsactiviteiten te ontwerpen en uit te voeren. Ook in het vierde semester loop je weer minimaal 15 dagen stage.  

Stage in het derde jaar 
In het derde jaar van de vierjarige deeltijdopleiding (semester 5 en 6)  start je met een stage in groep 3 en/of 4. Tijdens deze stage staat het omgaan met verschillen centraal (adaptief onderwijs). Je moet leren en laten zien dat alle kinderen in de klas een goed lesaanbod van je krijgen en dat je dus tegemoet komt aan de diverse onderwijsbehoeften van de kinderen. In semester 6 kun je zelf kiezen in welke groep je stage wilt lopen. Ook kun je ervoor kiezen om je stage in het speciaal onderwijs te doen. Je laat in dit semester zien dat je in verschillende contexten kunt lesgeven. 

Je loopt in semester 5 minimaal twintig dagen stage en in semester 6, loop je vijftien tot twintig dagen stage. De stagedag mag je, in overleg met de stageschool, zelf bepalen. 

Bureau Praktijkleren bemiddelt bij de stageplaatsing en in sommige gevallen plaatst Bureau Praktijkleren studenten op een opleidingsschool.

Stage in het vierde jaar 
In het vierde jaar van de vierjarige deeltijdopleiding (semester 7 en 8) loop je de WPO-stage. Dit betekent WerkPlekOpleiding. Dat houdt in dat je minimaal één dag in de week een eigen, vaste stagegroep hebt, passend bij de gekozen specialisatie jongere/oudere kind. In totaal gaat het om minimaal 40 dagen. In overleg met je stageschool stel je de stagedag vast. Je hebt geen mentor meer in de klas, maar krijgt begeleiding op afstand (de boa). Je laat dit laatste jaar zien dat je je professionele identiteit kunt verwoorden en kunt toepassen in de praktijk en dat je onderzoeksgegevens kunt verzamelen en interpreteren op basis van noties uit de vakliteratuur. 

Plaatsing vindt plaats via een WPO-procedure op één van de WPO-scholen van KPZ. 

Verkorte deeltijdopleiding

Stage in het eerste jaar 
In samenwerking met onze stagescholen word je voorbereid op het prachtige beroep van leraar basisonderwijs. De leerkracht van de stageklas is je mentor en begeleidt je in de praktijk. Je ontwikkelt je tot een volwaardig teamlid. Vanuit de opleiding krijg je tijdens de stageperiodes bezoek van een docent van KPZ, dit is je rayondocent. De rayondocent begeleidt je tijdens de stage en hij beoordeelt ook jouw functioneren in de stage. De stagedag mag je, in overleg met de stageschool, zelf bepalen.  

Bureau Praktijkleren zorgt voor de stageplaatsingen waarbij rekening wordt gehouden met woonplaats, waar mogelijk met denominatie en verdere bijzonderheden die bekend zijn. We hebben een vaste groep stagescholen die met KPZ samenwerkt. 

Er zijn verschillende soorten scholen waarop je als student je stage kunt doen, te weten: 

  • Reguliere stagescholen 
  • WOS (werkplekopleidingsscholen) 
  • OS (opleidingsscholen) 
  • AOS (academische opleidingsscholen) 

Onder het kopje ‘Samenwerkingsverbanden’ worden de verschillende soorten scholen verder toegelicht. 

In het eerste half jaar van de opleiding (semester 1) loop je stage in een midden- of bovenbouw groep (groep 5 t/m 8). Je leert een les te ontwerpen waarbij de instructie aansluit bij de (onderwijs)behoefte van de groep. Je loopt dit semester minimaal twintig dagen stage.

In het tweede half jaar (semester 2) loop je stage in de onderbouw (groep 1-2). In deze stage ga je thematisch lesgeven aan een groep kinderen waarbij je in staat moet zijn uiteindelijk hele dagdelen zelfstandig aan het werk te zijn. Je leert ontwikkelingsgerichte onderwijs-activiteiten te ontwerpen en uit te voeren. Ook in dit semester  loop je weer minimaal twintig dagen stage.  

Stage in het tweede jaar 
In het eerste halfjaar (semester 3), start je met een stage in groep 3 en/of 4. Tijdens deze stage staat het omgaan met verschillen centraal (adaptief onderwijs). Je moet leren en laten zien dat alle kinderen in de klas een goed lesaanbod van je krijgen en dat je dus tegemoet komt aan de diverse onderwijsbehoeften van de kinderen. Je loopt in dit semester minimaal 24 dagen stage. Als je al een onderwijsbevoegdheid hebt, gaat het om minimaal achttien dagen stage. De stagedag mag je, in overleg met de stageschool, zelf bepalen. 

Bureau Praktijkleren bemiddelt bij de stageplaatsing, in sommige gevallen plaatst Bureau Praktijkleren studenten op een opleidingsschool.

In het laatste half jaar van de opleiding (semester 4) loop je de WPO-stage. Dit betekent WerkPlekOpleiding. Dat houdt in dat je minimaal één dag in de week een eigen, vaste stagegroep hebt, de keuze van de groep wordt aangegeven in de vacature van de school. In totaal gaat het om minimaal 25 dagen. In overleg met je stageschool stel je de stagedag vast. Je hebt geen mentor meer in de klas, maar krijgt begeleiding op afstand (de boa). Je laat dit laatste jaar zien dat je je professionele identiteit kunt verwoorden en kunt toepassen in de praktijk en dat je onderzoeksgegevens kunt verzamelen en interpreteren op basis van noties uit de vakliteratuur. Plaatsing vindt plaats via een WPO-procedure op een van de WPO-scholen van KPZ. 

Competenties
Je werkt in de stage aan het behalen van competenties. Dit gebeurt bij het organiseren van verschillende activiteiten in de klas en bij de begeleiding van individuele leerlingen en groepen kinderen. Ook tijdens het voorbereiden, uitvoeren en nabespreken van lesactiviteiten is dit aan de orde. Op de KPZ worden activiteiten georganiseerd waarin je de stagelessen voorbereidt. Je geeft les in alle basisschoolvakken.

Samenwerkingsverbanden 

We hebben verschillende samenwerkingsverbanden en daardoor zijn er verschillende soorten scholen waarop je als student je stage kunt doen, te weten: 

  • Reguliere stagescholen 
  • WOS (werkplekopleidingsscholen) 
  • OS (opleidingsscholen) 
  • AOS (academische opleidingsscholen) 

Reguliere stagescholen 
Reguliere stagescholen zijn scholen waar KPZ wel studenten plaatst, maar waarvan de school niet behoort tot een van de besturen die participeren in een van de samenwerkingsverbanden rondom Opleiden in de School. Deze scholen kunnen passend zijn voor de student i.v.m. ligging, onderwijsconcept of ontwikkelbehoefte van de student.  

Opleidingsscholen  
Naast de reguliere stagescholen heeft KPZ verschillende samenwerkingsverbanden rondom Opleiden in School, waarin een aantal schoolbesturen participeert. 

Werkplekopleidingsschool (WOS) 
Dit is een school die behoort tot een van de besturen die participeren in een van de samenwerkingsverbanden rondom Opleiden in de School. De student wordt opgenomen in het team en de cultuur van het onderwijs op die betreffende school. De mentoren zijn geschoold in het begeleiden en beoordelen van studenten door het volgen van de mentorentrainingen.

Opleidingsschool (OS) 
Dit is een school die behoort tot een van de besturen die participeren in een van de samenwerkingsverbanden rondom Opleiden in de School. Op opleidingsscholen vormen de (voltijd-)studenten van het 1e t/m het 4e leerjaar een leergroep, die onder leiding van een daartoe opgeleide Opleider in de School (ois’er) samen leren en werken aan een voor hen én de school kenmerkende en betekenisvolle leersituatie, vaak uitmondend in een concreet product. Deeltijdstudenten worden van harte uitgenodigd deel te nemen aan de stageleergroep, maar zij kunnen hiertoe niet verplicht worden. Naast het product is vooral ook het proces erg belangrijk, het leren van elkaar en het krijgen van een plek in het team.  

Academische opleidingsschool (AOS) 
Een academische opleidingsschool is een opleidingsschool die behoort tot een van de besturen die participeren in een van de drie erkende samenwerkingsverbanden rondom Opleiden in de School. De AOS is in beginsel een OS, met dezelfde uitgangspunten en werkwijze. Daarnaast doet de vierdejaarsstudent nog onderzoek in het kader van een schoolontwikkelingsvraag. Hij doet dit samen met een onderzoeksgroep van de betreffende school, onder leiding van de daartoe opgeleide onderzoekscoördinator.